Hoeden en petten ...
een beschrijving van de familie Giovanelli
Dat de familie Giovanelli van Italiaanse afkomst is, ligt zeer voor de hand, maar tot nu toe is
het niet gelukt om de lijn verder terug te volgen dan tot Brussel.
Brussel
In Brussel woont in de 18e eeuw een familie Giovanelli, waarvan een aantal
leden functies bekleedt aan het hof van Charles Alexandre de Lorraine (Karel van Lorreinen),
de zeer geliefde landvoogd van de Oostenrijkse-Nederlanden, het huidige België. Verschillende zonen uit de familie
Giovanelli worden vernoemd naar de vorst: Charles Alexandre.
Jacques Philip Joseph Giovanelli woont rond 1780 met zijn vrouw Francisca (Suske) Davenne in het Borgendael, dichtbij het Brusselse paleis, maar buiten de jurisdictie van de stad. Om die reden wonen er op die plek veel handwerkslieden die niet
ingeschreven staan bij de gilden.
Jacques en Suske krijgen in 1778 een zoon die ze ook Charles Alexandre noemen. Ze hebben dan al een dochter, Joséphine Dorothée, die geboren is in 1773.
Den Haag
Joséphine Dorothée trouwt in 1799 in Brussel met Frédéric Jolly, die afkomstig was uit
Crèvecœur in het departement Oise in Frankrijk. Enkele jaren later duiken zij en haar man op in Den Haag. Haar man is
toneelspeler van beroep en woont waarschijnlijk regelmatig kortere of langere perioden in het buitenland.
Ook Charles Alexandre verhuist naar Den Haag en leert daar Alida van Leffen kennen, die afkomstig was
uit Culemborg. Ze krijgen in 1806 een dochter, Françoise Josephine, maar trouwen pas het jaar daarop. Charles
is hoedenmaker en woont met zijn gezin eerst in de Bagijnestraat en later op de Kalvermarkt, destijds een buurt
waar veel ambachtslieden woonden. Er worden nog meer kinderen geboren, waaronder Fredericus Cornelius in 1811 en
Catharina Elisabeth in 1816.
Akte- of persoonsverwisseling
Op 1 december 1818 geeft Charles Giovanelli het overlijden aan van zijn dochtertje Catrina Elisabeth, twee jaar oud.
In 1846 echter treedt Catharina Elsabeth Giovanelli, dochter van Charles in het huwelijk in Utrecht. Uit het uittreksel
uit het geboorteregister dat bij het huwelijk overlegd wordt, blijkt, dat zij óók in 1816 is geboren in
Den Haag. Is zij dezelfde
persoon als het kind dat in 1818 als overleden opgegeven is? Hoe het precies zit is onduidelijk, maar wellicht is hier sprake van een
(bewuste of onbewuste) akte- of persoonsverwisseling.
Utrecht
Ergens tussen 1820 en 1830 verhuist de hoedenmaker met zijn gezin naar Utrecht. Ze wonen daar eerst in de
Stroosteeg en later in de Molensteeg. Zoon Fredericus Cornelius zet het bedrijf van zijn vader voort. Hij drijft
zijn hoeden- en pettenwinkel in de Vinkenburgstraat tussen de Oude Gracht en het Neude.
Zijn zus Catharina Elisabeth trouwt met de schoenmaker Simon Coelen. Ze wonen achtereenvolgens in de Zadelstraat, in
de Loeff Berchmakerstraat en op de Daalschedijk. Van de zes kinderen die zij krijgen sterven er
vier op jonge leeftijd. Catharina overlijdt zelf op 1 juli 1866, in dezelfde nacht als haar dochtertje Alida, op
het moment dat Utrecht wordt getroffen door een cholera-epidemie. Zij is dan 50 jaar.
Haar dochter Anthonia Josephina trouwt in 1879
in Den Haag met Daniel Voortman.
Verbeterhuis
We gaan nog even terug naar Joséphine Dorothée Giovanelli, zus van de hoedenmaker
Charles Alexandre en echtgenote van Frédéric Jolly, de toneelspeler. Een groot deel
van haar leven woont ze in Den Haag, waar ook haar dochter Louise Joséphine Reine in 1804
wordt geboren. In 1812, bij de geboorte van haar zoon Henri Frédéric Jean-Baptiste, woont ze
echter in Antwerpen. Ze keert weer terug naar Den Haag en woont daar onder andere in de Koediefstraat en
Achter de Stallen (nu Kazernestraat). Haar man verblijft niet op die adressen. In 1843 lijkt ze
weer herenigd te zijn met haar man en woont dan in Toulon in Frankrijk. Maar ze komt weer terug naar
Den Haag, waar ze in 1850 op hoge leeftijd sterft.
De aangifte van haar overlijden wordt gedaan door Antoine Carabain, de directeur van het "Verbeterhuis". Of zij in die
instelling haar laatste levensjaren heeft doorgebracht is (nog) niet bekend.
Winkeldogter en schildersknegt
Van de kinderen van Josephine is ook het een en ander bekend. Bij de volkstelling
van 1830 was haar dochter Louise Joséphine Reine 'winkeldogter' in het modemagazijn van Madame Gagneux op het Plein in Den Haag.
Zoon Henri is dan nog 'schildersknegt', maar zal later op bescheiden wijze naam maken als portret- en genreschilder.
Hij is een leerling van Louis Henri de Fontenay en werkt onder andere in Brussel. In 1843 trouwt hij in Den Haag met
Johanna Barendina Lutzwig van Heijningen. Hij overlijdt in Den Haag in 1853. Als het jaar daarop ook zijn vrouw overlijdt, worden de beide zonen geplaatst in het Lutherse Weeshuis.